Woorden uitgesproken tijdens mijn dienst van erkenning en aanstelling op 3 september 2023
Niemand wordt als christen geboren. Je moet opnieuw geboren worden (Johannes 3:3-8).
Ik ben opgegroeid in een christelijk gezin. Zolang ik me kan herinneren, werd er voor en na de maaltijd gebeden en dagelijks uit de Bijbel gelezen.
Mijn ouders gingen allebei naar de kerk, en ik herinner me vooral dat ik op zondag met mijn vader meeging. Altijd netjes gekleed en met gekamd haar. Mijn vader had een prachtige stem. Daar was (en ben) ik best trots op. Ik weet niet meer precies wanneer, maar op een gegeven moment werd Psalm 25 heel belangrijk voor mij. Ik leerde de verzen 2 en 4 uit mijn hoofd en de tekst zou een leidraad in mijn leven worden:
Ps 25:V2 Toon mij, uw dienaar, uw paden en wijs mij de weg op uw sporen. Leid mij in uw waarheid en onderwijs mij; wees mijn gids en bewaar mij al mijn dagen. HEER, ik weet dat uw woord waarachtig is; vol verwachting zie ik de hele dag naar U uit als de God van mijn heil.
Ps 25:V4 Hij, de HEER, is goed en oprecht; Hij betoont liefde en barmhartigheid. Hij wijst zondaars de weg die zij moeten gaan. Aan de nederigen en eenvoudigen toont Hij het pad van het licht; Hij leidt hen in wat juist is en onderwijst hen in zijn heilige wetten.
Als jongetje ging ik ook regelmatig naar een oom van me die ouderling was in de Gereformeerde Kerk. Ze hadden daar nog een ouderwets traporgel, waarop ik graag speelde. Het eerste lied dat ik kon spelen was “Op een heuvel, ver van hier, stond een ruw, oud kruis” – een lievelingslied van mijn vader.
Ik ging ook graag naar de zondagsschool. Ik herinner me dat de Bijbelverhalen vaak indruk op me maakten. Zelfs toen ik een jaar of dertien, veertien was, mocht ik de Bijbelverhalen voorlezen aan de kinderen van de zondagsschoolklas.
Ik hoorde mijn moeder ooit zeggen (ik was toen al volwassen): “We dachten altijd dat Thijs dominee zou worden.” Ik moet de liefde van onze Heer Jezus dus al in mijn jongere jaren hebben gevoeld. Ik geloof – nu meer dan ooit – dat God mij al van kinds af aan op een pad heeft gezet om een betekenisvolle dienaar in Zijn Koninkrijk te zijn, ondanks alle obstakels die ik in mijn leven ben tegengekomen. Het voert te ver om daar nu diep op in te gaan, maar ik weet als geen ander hoeveel moeite het vaak kost om niet toe te geven aan wereldse verleidingen. Maar ik weet ook – en voel me daarin gesterkt, juist als zondaar – dat de Heer Jezus altijd dicht bij mij is.
Mijn relatie met Jezus wordt elke dag sterker. In 2010 ontmoette ik mijn huidige “Dushi”. Dat zorgde voor een totale ommekeer in mijn levensstijl. Elke dag uit de Bijbel lezen, elke zondag naar de kerk gaan. Ik kocht een keyboard waarop ik alleen gospelmuziek speel en die muziek vooral ook echt “beleef”.
Samen met mijn vrouw begeleid ik het kerkkoor en de gemeente, en leid ik discipelschapscursussen. Dat is het mooiste wat me ooit is overkomen.
Dat is de hand van Jezus die mij meeneemt op weg naar Zijn Koninkrijk en Zijn belofte nakomt om mij eeuwig leven te schenken. Wat moet ik doen? In Hem geloven en Zijn wil aanvaarden en uitvoeren. En dat doe ik met alle liefde die in mij zit.
Ja, ik ben ervan overtuigd dat Jezus al sinds mijn kindertijd over mij waakt. Hij leerde me naar Zijn woord te luisteren en vooral te proberen het te begrijpen.
Ik was een tijdje afgedwaald, maar Hij bracht me terug naar Zijn “kudde”.
Mijn leven is veranderd en die verandering zet zich voort. Elke ochtend dank ik Hem voor weer een nieuwe dag. Ik vraag Hem of ik vandaag opnieuw van Zijn liefde mag getuigen. Ik vraag Hem of Hij mij wil gebruiken om aan Zijn Koninkrijk te bouwen.
Nu ik hier dit getuigenis afleg, dank ik God bovenal voor de mensen die Hij op mijn pad heeft gebracht. Ik ben in het bijzonder dankbaar voor de tijd en de lessen van mijn bijbelleraar. Elke week hebben we nog steeds ons “geloofsuur”, wat altijd een verrijking is voor mijn groei om steeds meer op Jezus te gaan lijken.
Een speciaal woord van dank gaat ook uit naar ds. dr. Joan Delsol Meade. Zij vroeg me in 2020 of ik interesse had in een opleiding tot plaatselijk prediker binnen de methodistische gemeenschap. Als dit geen voorbeeld is – een direct bewijs van God Zelf – van de “Roeping om te prediken”, dan weet ik het ook niet meer.
Ik sluit af met deze woorden:
Johannes 5:24. Jezus zegt: “Voorwaar, Ik verzeker u: wie luistert naar wat Ik zeg en gelooft in Hem die Mij gezonden heeft, heeft eeuwig leven; over hem wordt geen oordeel geveld, hij is overgegaan van de dood naar het leven.”
Psalm 25 is mijn persoonlijke gebed, en ik kan getuigen dat God elke dag antwoord geeft.
In Christus verbonden,
Matthijs Duyzer
